Tips voor groep 7 en 8

 

Voor groep 7 en 8 heb ik de volgende boeken en series geschreven:

 

De BB-club, 2 verhalen over de Buitenboordclub, die als geheimtaal de gebarentaal heeft.

M6- AVI uit.

 

 

Remmen!, een boek over voetbal, ruziemaken op de achterbank en een verkeersongeluk met een paard.

M6-AVI uit.

 

 

De zes van groep zeven-serie, 6 boeken/verhalen over kinderen uit de groep van meester Anthonie.

In elk boek is een ander kind uit de klas de hoofdpersoon.M6-AVI uit.

 

TIP:

Kinderen die uit het niveaulezen zijn, willen geen AVI-boeken meer lezen.

Leg dan eens uit dat wij ook allang uit het niveaulezen zijn en toch tijdschriften en kranten en boeken lezen, waarvan het AVI-niveau rond de 7 ligt.

Alleen studieboeken en wetenschappelijke artikelen hebben een zeer hoog AVI-niveau.

 

TIP:

Op school moeten kinderen in verband met het technisch (leren) lezen steeds hogere AVI's lezen.

Als ik een boek schrijf, is de tekst, als ik er niet zo op hoef te letten, gemiddeld AVI 7.

Om een boek te schrijven in een hoger AVI moet ik dus kunst- en vliegwerk toepassen.

Denk daar eens aan als u een kind een hoog AVI-boek laat lezen.

 

TIP:

Welke boeken voor de leeftijd van de kinderen van groep 7 en 8 staan er bij u in de kast?

Weet u wie de schrijvers zijn en de illustratoren?

Als ik in de klassen kom, weten de kinderen soms beter dan de leerkrachten dat er boeken van mij in de klassenbibliotheek staan.

In het ergste geval zegt een leerkracht: 'Ik had nog nooit van u gehoord.'

De kinderen trekken dan 5 of 6 boeken uit de kast en roepen:

'Deze zijn  leuk, meester (of juf), die zijn van juf Betty.'

 

TIP:

Blijf op de hoogte van boeken, schrijvers en illustratoren.

Surf op internet.

De meeste schrijvers en illustratoren hebben een eigen website.

 

TIP:

Probeer boeken met een hoog AVI-niveau zelf eens te lezen.

Is het nog wel aangename leestaal???

De taal in een boek in een hoger AVI is al snel gekunsteld ...

 

TIP:

Als een kind voor zijn plezier mag lezen, laat hem dan altijd "onder zijn leesniveau" lezen.

Dat doen wij ook.

Als wij de krant lezen, leggen we hem ook niet weg, omdat het AVI-niveau bijvoorbeeld 9 is.

Wij zijn namelijk al lang uit het niveaulezen.

 

TIP:

De boeken die Betty geschreven heeft voor peuters en kleuters, zijn natuurlijk in eerste instantie bedoeld om voor te lezen.

Het AVI-niveau varieert echter van AVI M 4 tot AVI E 6.

Deze boeken zijn door de vele, grote tekeningen heel geschikt voor kinderen van groep 7 en 8 die nog steeds niet vlot technisch lezen.

Overigens vinden kinderen die wel vlot lezen het ook nog steeds leuk om prentenboeken te lezen.

 

TIP:

Laat kinderen (of ze nu vlot lezen of niet) prentenboeken die ze zelf leuk vinden, voorlezen aan de kleuters.

 

TIP:

Boeken zijn, net als ander speelgoed, leuke verjaardagscadeaus.

 

TIPS VOOR KINDEREN MET DYSLEXIE EN BEELDDENKERS

De problemen die kinderen hebben met leren lezen, kunnen te maken hebben met stoornissen in de hersenen en beperkingen van de zintuigen.

Kinderen kunnen dyslectisch zijn of ze horen of zien niet zo goed.

Probeer er altijd achter te komen wat precies het probleem is.

Dyslexie is een verzamelnaam voor een ruime hoeveelheid problemen met lezen en schrijven.

Een kind dat bijvoorbeeld niet kan rijmen, kan een licht gehoorprobleem hebben.

En daardoor leert het echt veel trager lezen.

 

        

 

Een ander probleem kan zijn dat de fantasie niet goed ontwikkeld is.

Met mijn boeken Het abc van Tuk, Het grote abc van Tuk en Het grote cijferboek van Tuk heb ik geprobeerd letter- en cijferboeken te maken, waarmee ook dyslectische kinderen en beelddenkers uit de voeten kunnen.

Ook voor gehoorgestoorde kinderen is het een goed boek, omdat er veel plaatjes in staan.

Voor blinde kinderen zou ik er graag een voelboek van maken.

Misschien kunt u dat zelf doen, door op de letters van de linker bladzijde vilt te plakken of ander materiaal.

Op dezelfde pagina kunt u dan de letter ook in braille weergeven met bolle stickertjes.

 

ZINGEN IS BELANGRIJK

Zingen is voor kinderen met spreekproblemen en voor kinderen met dyslexie heel belangrijk.

Kinderen die normaal niet van lezen houden of lezen moeilijk vinden, zingen en bewegen vrolijk mee met kinderliedjes.

Soms kennen ze alle teksten uit hun hoofd.

Ze bewegen mee op het ritme, ze rijmen mee, ze hebben kortom plezier in taal en muziek.

 

Uit onderzoek blijkt dat het taalcentrum in de hersenen op een andere plek zit dan het muziekcentrum.

Dat betekent dat kinderen met dyslexie wel moeite kunnen hebben met lezen en schrijven.

Maar dat ze helemaal geen moeite hoeven te hebben met muziek en met zingen.

 

 

 

In 2009 bracht Betty Sluyzer een eerste cd uit met interactieve meedoeliedjes voor baby’s, peuters en kleuters: Billen Buikje Boelieboem.

De liedjes op deze cd heeft ze gebaseerd op de activiteiten en de rijmpjes en versjes die ze al jaren deed bij haar prentenboekenvoorstellingen.

Tijdens de voorstellingen die ze gaf met haar liedjes, werd het meteen overduidelijk: de kinderen genieten ervan. Ze doen enthousiast mee en vragen om nog een keer.

Na afloop kreeg Betty veel reacties van leerkrachten, ouders en leidsters: de kinderen krijgen weer meer plezier in taal, in rijmen en zingen.

En ze willen allemaal Betty’s boeken lezen of voorgelezen krijgen.

De combinatie werkt!

 

 

In 2010 schreef Betty Sluyzer 24 nieuwe meedoeliedjes voor de cd Circus Pindasaus.

Weer zijn het interactieve meedoeliedjes.

Maar er staan op de nieuwe cd ook liedjes voor beginnende lezers.

Zo schreef Betty een abcliedje, waar al veel kinderen tijdens het proefdraaien van de nummers plezier mee gehad hebben.

Verder maakte ze liedjes over vieze dingen, over de seizoenen, over het kerstfeest en één over piraten.

Allemaal liedjes die kinderen graag zullen willen zingen en waarbij ze niet stil hoeven te zitten, maar waarbij ze kunnen bewegen.

_______________________________________________

Aangezien ik ook docente Nederlands ben en 11 jaar vakdidactiek, mondelinge taalvaardigheid, voorlezen en mediawijsheid heb gegeven op de Lerarenopleiding Nederlands, kan ik het niet laten wat tips te geven met betrekking tot boekenbeurten en voorleeswedstrijden ...

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

In groep 6 beginnen op sommige scholen de boekenbeurten en de boekbesprekingen.

Maak eens een lijst van 20 vragen die u aan een boek zou kunnen stellen.

Bij elke boekenbeurt kiest een kind er een paar uit, die hij of zij wil beantwoorden.

Bij elke volgende boekenbeurt kiest hij 5 andere vragen.

Zo komen alle vragen in de loop der jaren aan bod, zonder dat je elke keer hetzelfde verhaal krijgt.

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

Bij een boekenbeurt beoordeelt u de mondelinge taalvaardigheid van een leerling.

Bedenk eens dat u dat eigenlijk elke dag doet wanneer u het kind een beurt geeft of wanneer het kind iets mag vertellen in de kring.

Als u het kind vanaf het begin (af en toe) feedback geeft op zijn of haar manier van spreken, dan krijgt hij of zij tenminste genoeg kans om het spreken/presenteren te verbeteren vóórdat de eerste boekenbeurt zich aandient.

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

Een kind mag nooit bij de eerste boekenbeurt voor het éérst te horen krijgen dat hij wat harder of wat langzamer moet praten.

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

Doe de eerste boekenbeurt zelf (als leerkracht).

Dan weten alle kinderen wat u een goede presentatie vindt en wat u bedoelt.

Stel niet te veel eisen, maar stel ze wel.

Geef ook een tien als het kind het volgens de eisen helemaal goed heeft gedaan!

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

Geef nooit een onvoldoende voor een boekenbeurt.

Als de structuur niet duidelijk is, of het verhaal duurt te lang of het kind is onverstaanbaar of u heeft niet de eis gesteld dat het een grapje of plaatjes moet bevatten, dan kunt u het kind daar ook niet op afrekenen.

U had het kind deze dingen dus eerst moeten leren!

 

TIP BIJ BOEKBESPREKINGEN EN BOEKENBEURTEN

Als een kind een boekenbeurt houdt over een boek van mij, mag het mij mailen.

Ik beantwoord zijn of haar vragen en geef wat informatie over waarom ik dat boek geschreven heb.

Ze mogen mailen naar info@bettysluyzer.nl

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN

Voorlezen is niet hetzelfde als hardop lezen.

Voorlezen is niet zo vlot mogelijk een tekst foutloos hardop lezen.

Voorlezen is het willen verklanken en verbeelden van de sfeer, de emoties en de gebeurtenissen van een (gedeelte van een) verhaal.

Voorlezen moet je voorbereiden.

Voorlezen kun je leren.

Leerkrachten moeten de kinderen die mee gaan doen aan een voorleeswedstrijd leren voorlezen.

Leerkrachten leren de kinderen voorlezen door zelf veel voor te lezen.

Laat kinderen alleen opkijken uit een boek als ze hun vinger houden bij de plek waar ze gebleven zijn en als ze werkelijk tijd hebben om te zien hoe het publiek reageert.

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN

Hoe meer en gevarieerder kinderen lezen, hoe beter ze gaan lezen.

Hoe meer boeken we aanbieden en voorlezen, hoe beter ze straks zelf kunnen kiezen.

Hoe meer we laten zien dat wij boeken lezen leuk vinden, hoe meer kans er is, dat de kinderen dat ook gaan vinden.

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN

Blijf voorlezen, ook al kan het kind al lang zelf lezen.

Luisteren als je lekker in de klas zit en zelf een beeld erbij kan fantaseren en misschien wel mag tekenen, is belangrijk en erg fijn.

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN

Geef de kinderen elke dag de tijd om voor zichzelf in een boek te kijken, een (bladzijde uit een) boek te lezen, zonder dat ze het hardop hoeven te doen.

Een boek hoeft nooit in één keer uit.

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN

Lees alleen boeken voor, als u van boeken houdt.

Houdt u echt niet van lezen, zorg er dan voor dat een ander die er wel van houdt, boeken voorleest.

Lees alleen boeken voor die allereerst uzelf aanspreken, waarvan u de plaatjes mooi vindt, waarvan het verhaal of het onderwerp u aanspreekt èn waarvan u denkt dat ze ook de kinderen zullen aanspreken, omdat ze grappig, informatief, spannend of mooi zijn.

 

TIP BIJ HET (LEREN) LEZEN

Als kinderen een half uurtje per dag in de klas mogen stillezen, lees zelf dan ook, de krant of een boek.

Als u intussen werk gaat nakijken, zullen de kinderen geloven dat dat belangrijker en leuker is dan lekker lezen.

 

TIP BIJ HET VOORLEZEN EN HET LEREN LEZEN

Als een kind moeite met (leren) lezen heeft, dwing het kind dan niet om thuis nog vaker te doen wat hij of zij niet kan.

Vraag aan ouders of ze vaak voorlezen.

Als ze dat doen, laat dat dan zo.

Lezen ze nooit voor, vraag dan of ze eens voor willen lezen uit een boekje dat u meegeeft.

 

Tips voor de voorbereiding of de verwerking van een klassenbezoek van Betty 

 

Doe dit in ieder geval:

*Lees minstens één boek centraal voor.
*Laat de andere boeken zelf lezen.
*Zoek naar antwoorden op de website.

*Stel Betty de vragen die niet op de website beantwoord worden.

 

Kies één van deze tips:

*Teken een illustratie na.

*Maak zelf tekeningen bij een voorgelezen verhaalfragment.
*Teken de omslag na.

*Vergroot of verklein een illustratie.
*Zoek informatie op Internet, in de bibliotheek of op school.
*Diep één van de genoemde thema's verder uit.
*Ontwerp in je eentje of met een groepje een poster.
*Lees een groot deel voor, maar laat de kinderen de inhoud van het laatste hoofdstuk verzinnen.
*Speel een fragment na.
*Wissel eigen ervaringen uit naar aanleiding van de emoties en gebeurtenissen in de (voor)gelezen boeken.

*Download voor 0,99 eurocent een liedje van Betty Sluyzer van http://www.legaldownloads.net en zing het met de kinderen.
 


De Buitenboordclub

In de bundel De BB-club zitten de verhalen De Buitenboordclub en Mag ik meedoen?

Het zijn verhalen, geschreven in AVI 7.
 

De Buitenboordclub

Kit en haar vrienden richten een clubje op met een geheimtaal.
Thema's: club, geheimtaal, codes, gebarentaal, liplezen, schoolfeest, dieven, problemen oplossen.

 

Mag ik meedoen?
De Buitenboordclub lost mysteries rond papegaaien op tijdens een zeilkamp.
Thema's: erbij willen horen, disco, gebarentaal, geheimtaal met sjaals, zeilen, fraude, problemen oplossen.

 


Remmen!


Remmen!

Roy en Joep hebben op zaterdag een voetbalwedstrijd. De terugreis verloopt niet soepel.
Thema's: voetbal, autorijden, ruzie, ongeluk, verkeerscentrale, paardrijden.

 


De zes van groep zeven

 

 

 

In De zes van groep zeven-serie speelt telkens één ander kind uit de klas van meester Anthonie de hoofdrol.

Alle boeken zijn geschreven in AVI 8.

De Schoolreis
David en zijn groepje krijgen tijdens de schoolreis een hele vervelende overblijfmoeder mee.
Thema's: overblijven, schoolreis, pretpark, omgaan met anderen, autoriteit, bedorven voedsel, problemen oplossen.

 

Het Slaapfeest
Marco mixt allerlei drankjes tijdens een slaapfeest in het bos.
Thema's: jarig zijn, slaapfeest, toveren/goochelen, broer-zusrelatie.

 

De Klassenfoto
Maartje ontdekt dat de fotograaf vreemde dingen doet met de klassenfoto.
Thema's: fotograferen, fotocollages maken, kleuren kiezen, tv kijken, koken, moeder-dochterrelatie, vriendschap, liefde, problemen oplossen, wraaknemen.

 

Juf Ninja valt in
Sander overwint zijn angsten met hulp van Juf Ninja.
Thema's: pesten, dromen, vriendschap, ninjavechten, operatie, straf, problemen oplossen, angsten overwinnen, boontje komt om zijn loontje.

 

Yo... Yo... De Toets gaat zó!
Meester Anthonie leert groep zeven een rap, zodat ze nooit meer zenuwachtig zijn voor een toets.
Thema's: toets maken, zenuwachtig zijn, ouders die kinderen zenuwachtig maken, de schoolinspecteur, warming-up, proeftoets, een rap.

 

Vet cool – Foute boel
Nelson, de vet coole neef van Jeremy uit groep zeven komt stage lopen. Allen de meester vindt hem ‘foute boel’.
Thema's: familie, normen en waarden, de grens tussen aardig en onfatsoenlijk, diefstal, liefde, jarig zijn, de verjaardag van de meesters en juffen, de trauma’s van meester Anthonie.

 

 

 

 

© tekst Betty Sluyzer